Blog
Reizen

Een openluchtmuseum

Voor mij is de herfst de beste tijd om Zuid-Europa te bezoeken. Overdag kan het rond de 25°C worden, ideaal om een stad te verkennen, terwijl de koelere nachten het makkelijker maken om te slapen. Dit jaar ging ik naar Italië om de hoofdstad te bezoeken, Rome, en de kleinere stadLecce in het zuiden. Dit artikel gaat over de hoofdstad: een openluchtmuseum.

https://twitter.com/gijsheerkens/status/1187355600352632832

Een voordeel van Spaans leren is dat ik delen van andere Romaanse talen begrijp, zoals Italiaans, Portugees, Roemeens en Frans, en me er een beetje in kan uitdrukken. Dat komt van pas als ik ergens reis waar ik niet altijd op Engels kan vertrouwen. Laten we beginnen met een paar basiswoorden in het Italiaans:

  • hallo – ciao
  •  tot ziens – arrivederci
  • bedankt – grazie
  • graag gedaan – prego
  • hoe gaat het? – come stai?
  • oké – va bene
  • ja – sì
  • nee – no
  • sorry – scusa
  •  alsjeblieft – per favore

Rome is een van de oudste steden ter wereld en werd al lang voor het begin van de jaartelling gesticht. Door de vele eeuwenoude bezienswaardigheden voelt de stad als een openluchtmuseum.

Dit viel me het meest op aan Rome:

Eten en drinken

Italianen hoef je niets over eten te vertellen. Mijn Italiaanse vrienden lijken zichzelf allemaal deskundigen in de keuken te vinden, en misschien hebben ze daar wel gelijk in.

In Rome kun je in een eenvoudig restaurant lasagne of een pizza eten voor ongeveer €5 en toch een goede maaltijd krijgen. Ook desserts zoals tiramisu zijn lekker en betaalbaar.

Maar vraag niet om een pizza Hawaï!

https://twitter.com/gijsheerkens/status/1194690416043364352

Ik dacht altijd dat Italianen zo oud worden dankzij gezonde voedingskeuzes, maar na het zien van sommige borden hier weet ik dat niet meer zo zeker: veel pasta en desserts, vaak met een glas wijn erbij. En dan is er nog Nutella, een van de bekendste exportproducten van Italië.

De stad staat vol met koffiebars. ‘Un espresso, per favore.’ Veel Italianen lijken binnen een minuut weer buiten te staan: bestellen aan de bar, drinken, betalen en vertrekken. Ik deed er iets langer over. Houd er rekening mee dat zitten meer kan kosten dan drinken aan de bar.

Contant geld

Italianen lijken gehecht aan contant geld. Gemiddeld hebben ze 65 euro op zak. In hotels, supermarkten en bars betalen mensen vaak vanzelfsprekend contant. Soms moet je vragen of je met een kaart kunt betalen. Contante transacties zijn voor overheden lastiger te volgen, wat een reden kan zijn dat contant geld populair blijft.

Vervoer

De straten van Rome staan vol auto's en ongeduldige bestuurders die op hun claxon drukken.

De metro heeft maar drie lijnen, die samenkomen bij station Termini. De aanleg verloopt traag, deels omdat de bodem zo rijk is aan archeologische vondsten: telkens als er een belangrijke vindplaats wordt ontdekt, moet het werk worden stilgelegd.

Ik had geluk dat Uber zijn deelfietsdienst met elektrische fietsen, Jump , lanceerde op de dag dat ik aankwam. De fietsen waren duur, €4 per uur, maar wel een handige manier om de stad te verkennen. Fietsen leek nog niet gebruikelijk; ik had vaak het gevoel dat ik de enige op een fiets was, net als eerder op Bali.

Werken

Toen ik Rome bezocht, leek de stad niet bijzonder goed ingericht op digitale nomaden. Gratis openbare wifi was schaars, al vond ik dat niet erg omdat ik liever thuis werk. Ook leken cafémedewerkers er weinig voor te voelen als klanten hun laptop openklapten om te werken.

Bezienswaardigheden

Neem een camera mee naar Rome. De stad staat vol herinneringen aan het Romeinse Rijk.

Ik zou in ieder geval tijd vrijmaken voor deze bezienswaardigheden:

 
Dit bericht bekijken op Instagram
 

Een bericht gedeeld door Manual Focus | @landscape_mf (@landscape_mf) op

Mijn liedje bij Rome

Voor elke plek waar ik verblijf, kies ik een liedje dat mijn herinneringen eraan vertegenwoordigt. Voor Rome is dat Se bastasse una canzone van Eros Ramazzotti, een van de weinige Italiaanse liedjes die ik ken.

— GijsBespreek dit artikel